RUST

het water in de vijver
kabbelt dag en nacht
weerspiegelt als een raam
geeft het gevoel

alsof er geen verschil is
tussen binnen en buiten
wordt de rust verbroken
door een paar vogels

het verschil
met een eerder moment
waarom de wind zo mooi
de bladeren kan doen dwarrelen

Henny van Wijk

MOE

moe van het dragen
de zware schoenen
raken een waterlelie
op de bodem van onzekerheid

drijft boosheid en verdriet
buigen alsof ze zich schamen
dan vraag ik:

Als ik jouw hand aanneem
houdt jij dan de mijne vast
als benen en armen slingerend
uit de koers raken

geef mij dan je lach
dan schilderen we samen
in de lentezon
een hand voor de wandelstok

Henny van Wijk

VRIJHEID

dat je het blad terug kan slaan
de deur naar het verleden
kraakt nog na

die angst achter laten
maar herinneringen en pijn
van jaren nooit vergeten

het kind veegt zwijgend
alles onder de biezen mat
luistert naar het klokkengelui

de doodse stilte overal
dichte ramen met lange sluiers
ruisen zachtjes in de wind
hoor ik nog het huilen

Henny van Wijk